Als er wat is, kunnen we altijd bellen

Voor de gekste dingen heeft ze een oplossing of een tip

 

We kwamen voor Roel maar ze keken naar het hele gezin

Jan (45) en Patricia (44) hebben een zoon van 10 en een zoon van 8

Onze oudste zoon Wouter (10) heeft een autistische stoornis (PDD-NOS). Daarvoor liepen we bij een instelling voor Jeugd- en kinderpsychiatrie.  We kregen daar alleen maar kritiek, dus zijn we er uiteindelijk weggegaan. Vorig jaar kwam de juf van de jongste naar ons toe. Ze liep tegen dingen aan die ons eigenlijk ook al waren opgevallen. Roel (8) kan heel extreem zijn in zijn emoties. Er werd daardoor in huis altijd veel geschreeuwd. Door de kinderen, maar ook door ons.

We wilden niet terug naar de instelling die we al kenden en kwamen bij de Opvoedpoli terecht. Het hele gezin mocht mee naar de intake. Ze vroegen ons van alles. Het was er veel huiselijker en er hing een gemoedelijke sfeer. We kwamen voor Roel, maar de Opvoedpoli keek naar het hele gezin. Ze luisterden en hadden niet meteen hun oordeel klaar. Uiteindelijk kregen we Hanne als coach, het klikte meteen.

We zijn nu een stuk relaxter

Ze zag al snel dat wij niet lekker in ons vel zaten. Veel te gespannen. Ze regelde afspraken voor ons met Birgitta, de psychotherapeut van de Opvoedpoli. Allebei hebben we van haar EMDR-therapie gekregen om trauma’s uit het verleden te verwerken. We zijn nu een stuk relaxter en minder gestrest. Het is bijzonder dat ze ook keek naar wat wij nodig hadden en niet alleen naar de kinderen. Ze heeft ons ook gepust er een weekendje tussenuit te gaan zonder de kinderen. ‘Je bent niet alleen maar moeder en vader, maar ook man en vrouw’.

Het werkt voor ons heel goed dat ze bij de Opvoedpoli alles onder één dak hebben. Iedereen is overal van op de hoogte en Hanne is voor ons de verbindende schakel. Als er wat is, kunnen we altijd bellen. Voor de gekste dingen heeft ze een oplossing of een tip. De tweede keer dat ze hier kwam, moesten we een contract tekenen. We noemden allemaal dingen op die we wilden veranderen. De kinderen vonden het erg leuk dat ze ook invloed hadden. Wouter bedacht bijvoorbeeld dat hij wilde kleuren als hij boos was. Hij houdt ervan om de kleurtjes op de goede volgorde te leggen. Hanne gaf ons vervolgens veel praktische tips. Ze zei nooit: ‘Jullie doen dit of dat fout’, maar: ‘Je kunt het de volgende keer misschien ook eens zo aanpakken.’

Ze geeft ons het vertrouwen dat het goed komt

Toen Hanne voor het eerst aan Roel vroeg hoe het bij hem in de klas was, sloeg hij meteen dicht. Hij moest huilen en liep weg. Hanne heeft hem geobserveerd op school. Hij wil graag aardig gevonden worden, maar andere kinderen vinden hem soms te opdringerig en te fanatiek. Hanne denkt niet dat hij een stoornis heeft, maar er is wel iets op sociaal-emotioneel vlak. Wat precies, daar is ze nog niet achter. Het is fijn dat ze blijft zoeken en dat ze ons het vertrouwen geeft dat het goed komt.

Binnenkort gaat hij naar een zogenaamde Brusjescursus op de Opvoedpoli. Daar leren broertjes en zusjes van PDD-NOS’ers om te gaan met het afwijkende gedrag van hun autistische broer of zus. Wouter lacht bijvoorbeeld als iemand zijn been breekt, hij snapt niet dat je dan bezorgd moet zijn. Roel worstelt daardoor ook met gevoelens, hij mag bijvoorbeeld niet verdrietig zijn van zichzelf. We zijn nu op advies van Hanne heel veel gevoelens aan het benoemen. ‘Je bent geschrokken, logisch dat je verdrietig bent’. Zodat ze beide zien dat gevoelens normaal zijn. 

Rust in huis

Er is zoveel meer rust in huis. Wij schreeuwen niet meer en zijn veel minder gestrest. We denken dat als we weten wat er bij Roel speelt, het nog beter zal gaan. Dan kunnen we gerichter met hem aan de slag. Duidelijkheid is fijn, maar het is ook erg goed dat de Opvoedpoli zo grondig te werk gaat en niet meteen een stempel op Roel drukt."

De namen zijn gefingeerd